Het laatste formule 1 nieuws

De race moest Zandvoort zijn afgebladderde glorie teruggeven

De race moest Zandvoort zijn afgebladderde glorie teruggeven

Share on facebook
Facebook
Share on google
Google+
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn

Klanten van de Zandvoortse nagelsalon Boudoir zien geen bezwaren voor de race in Zandvoort. De streeprugsalamander? „Ik heb nooit van dat beest gehoord!” Geweldig zou het worden, die dag in mei. De televisie aan voor het beeld, de ramen open voor de herrie. „Heerlijk, die racegeluiden. Het dendert over ons kleine dorpje heen”, zegt de vrouw die zachtjes met haar handen wappert. De scènes in de Zandvoortse nagelsalon Boudoir zijn hoogtepunten in de hypnotiserende documentaire De Zandvoort Formule (BNNVARA) van Wytzia Soetenhorst die maandagavond werd uitgezonden .

Dat het kleine dorpje minder geschikt is voor een evenement met honderdduizenden bezoekers op een moeilijk bereikbare plaats aan de rand van een natuurgebied, voor die gedachte is in de nagelsalon geen plaats. „De mensen die daar tegen zijn, zijn dat dezelfde die tegen Zwarte Piet zijn?” De streeprugsalamander? „Ik heb nooit van dat beest gehoord!”

Als een jongere klant voorzichtig ter nageltafel brengt dat ze „niet zit te wachten” op het racefeest, volgt een niet zo subtiele uiteenzetting over mensen die van buiten naar Zandvoort zijn gekomen en nu van alles vinden. „Dan moet je hier niet komen wonen.” De Grand Prix moet en zal het dorp zijn in de zeewind afgebladderde glorie teruggeven .

De Zandvoort Formule is geen film over het debat tussen voor- en tegenstanders. Het is het verhaal over hoe dorpstrots en handelsgeest uiteindelijk elke vorm van tegenspraak onmogelijk maken. Ze zijn er wel, de GP-sceptici. Boswachter Sven Pekel wijst aan waar de parnassia groeit, in welk struweel de nachtegaal zingt en hoe groot de gaten zijn in het hek dat de fans ervan moet weerhouden om door de duinen in de buurt van de racebaan te komen.

Er is het eenzame GroenLinks-raadslid, dat vóór de plannen stemde omdat een tegenstem „niet reëel” was – hij wil geen roepende in de duinen zijn. Hij krijgt op zijn kop van Bruno Braakhuis, bestuurder van Rust aan de kust, die vanuit het centrum van Haarlem met procedures probeert spijkers op de weg te strooien. „Dit wordt verkocht alsof het een Zandvoorts feestje is, terwijl het een hele regio aangaat”, houdt hij de […]

Lees het hele artikel op de volgende pagina De race moest Zandvoort zijn afgebladderde glorie teruggeven